Uit het familiearchief: een pokkenbriefje

Het is een klein, flodderig stukje papier vol bruine vlekken, ingevuld met een sierlijk handschrift. Ik vind het in één van de mappen waarin ons familiearchief bewaard wordt. Dit zogenaamde ‘pokkenbriefje’ werd geschreven door een arts, voor mijn overgrootmoeder Verheij – ruim 100 jaar geleden.

20160618_164909

De ondergeteekende arts gevestigd te Amsterdam verklaart de koepokinenting (en herinenting) verricht te hebben aan Verheij (Geertruida, Antonia, Maria) geboren den 10den september 1900, wonende te Amsterdam, en zich persoonlijk overtuigd te hebben, dat zich daarna ééne koepok heeft ontwikkeld, die een zoodanig beloop heeft gehad, dat zij voorbehoeding tegen de kinderpokken zooveel mogelijk waarborgt. Dagteekening 10 juli 1907.

Geertruida is de moeder van mijn vaders moeder. Ze werd geboren in 1900 in Amersfoort en was dus een meisje van 6 op het moment van de inenting. Ik heb helaas geen foto’s van haar uit die tijd. Uit de verklaring van de arts blijkt dat ze na de inenting één pok kreeg, en daarna immuun was voor de pokken. Maar hoe werkte dat nou precies?

De koepokken waren een besmettelijke ziekte die onder koeien voorkwam, maar ze bleken als vaccin heel goed te werken bij mensen. Zodra mensen geïnjecteerd werden met dit virus, kregen ze één of meerdere blazen op hun huid en waren daarna resistent – ook voor de menselijke variant, de pokken. Van deze praktijk komt ook het woord ‘vaccineren’; ‘vaccinus’ is Latijn voor koe. Rond 1796 was arts Edward Jenner op het idee gekomen om dit te doen (in het kort had hij ontdekt dat melkmeisjes, die veel met koeien in aanraking kwamen, niet of nauwelijks ziek werden bij een pokkenepidemie). Zo gingen artsen mensen in de huid snijden met een mesje dat ze in een pokkenblaas bij een koe hadden gehouden. Er kwam besmetting en de mens werd voor korte tijd ziek; het was niets ernstigs en op de plek van de blaasjes bleef alleen een litteken achter. Bij mijn overgrootmoeder was het blijkbaar nodig om twee keer in te enten, blijkend uit de toevoeging ‘en herinenting’.

Met de invoering van de Wet op de Besmettelijke Ziekten in 1872 werd vaccinatie verplicht. Vanaf dat moment werden kinderen alleen toegelaten op een school als ze een pokkenbriefje konden laten zien. Na invoering van de leerplicht in 1900 moest iedereen wel meedoen aan de vaccinaties – al waren de pokken toen wel zeldzamer geworden. Wie weet heeft Geertruida Verheij haar eigen briefje ook nog moeten laten zien toen ze naar school ging.

Ik kwam nog zo’n zelfde inentingsbewijs tegen; dat meisje, een baby nog, kreeg wel zeven koepokken. Een volwassen vrouw kreeg er vier. Een meisje van twee kreeg er ook zeven. Een jongetje kreeg er zelfs acht. Waarom de ene persoon er meer kreeg dan de ander, heb ik niet kunnen vinden, maar mijn overgrootmoeder kreeg er in ieder geval maar eentje.

Ik vind het geweldig dat zo’n klein briefje, zorgvuldig bewaard voor meer dan een eeuw, nu nog zoveel kan vertellen over vroeger.

~

https://nl.wikipedia.org/wiki/Koepokken

Inentingsbewijs

Inentingsbewijs

Inentingsbewijs

http://innl.nl/nl-NL/verhaal/14986/de-koepokinenting

 

 

Advertenties

Over DaniëlleSabine

Een boekenwurm die houdt van kunst en geschiedenis en daarover blogt op https://daniellesabine.wordpress.com.
Dit bericht werd geplaatst in Geschiedenis. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s